Biotoopverbetering en -herstel in beboste jachtgebieden: een praktijkvoorbeeld

22 nov 2024
Vlaanderen, België
Valerie Vandenabeele
Biotoopverbetering en -herstel in beboste jachtgebieden: een praktijkvoorbeeld

Auteur: Sabine Van Miert


In dit artikel geven we u een beschrijving van hoe jagers aan de slag gaan in de natuur om deze in te richten met het oog op in het wild levende soorten.

Vlaanderen werkt al geruime tijd samen met de jagers en wildbeheerseenheden, als een legitieme en waardevolle partner, aan een doordacht en planmatig faunabeheer. Dit met het oog op een duurzaam gebruik van het wild, het verbeteren van de leefgebieden van de jachtsoorten en het versterken van de biodiversiteit. Het doel hiervan is de natuur veerkrachtiger te maken waarbij alle diersoorten baat hebben.

Het doel van dit project is de interne structuurvariatie in het bos verbeteren door over te gaan van een homogeen naaldbos naar een gemengd bos met behulp van (1) boomdifferentiatie bij aanplantingen en (2) aanleggen van bosranden.

Het projectgebied heeft een totale oppervlakte van circa 4 ha waarvan het grootste deel bestaat uit bos. In dit gedeelte werd in samenwerking met de bosgroep 'Kempen Noord' een verjongingskap uitgevoerd om dat verschillende naaldbomen ziek waren en omdat de recente stormen er lelijk hadden huisgehouden. Initieel was het plan om het bos spontaan te laten verjongen. Omdat op deze manier het bos echter voornamelijk een homogeen naaldbos dreigde te blijven, wilden we dit bos versneld omvormen naar een gemend bos. Hiervoor voorzagen we de aanplant van geselecteerde bomen en struiken die een meerwaarde hebben voor de fauna en flora, zowel in het bos als aan de bosrand. Bij de keuze van de soorten werd niet enkel rekening gehouden met deze meerwaarde maar ook met de bodemeigenschappen (licht zuur en vochtig) en dit in overleg met de consultent van Bosgroep ‘Kempen Noord’.

jacht biotoop

Om een zo groot mogelijke diversiteit te bereiken, werden een groot aantal verschillen de soorten aangeplant. De soorten werden gekozen in functie van de verschillende delen van het bos. In het lager gelegen, nattere gedeelte werd geopteerd voor: zwarte els (Alnus glutinosa), sporkehout (Rhamnus frangula) en beuk (Fagus sylvatica). In het hoger gelegen gedeelte, waar er nog verschillende naaldbomen staan, werd gekozen om verspreid in kloempen wintereik (Quercus petrea), winterlinde (Tilia cordata), zomereik (Quercus robur) en gewone es doorn (Acer pseudoplatanus) aan te planten. Bij de keuze van het plantgoed voor de bosranden werd er rekening mee gehouden dat de struiken voldoende beschutting en voedsel moeten geven voor het wild en andere fauna. Daarom werd gekozen voor lijsterbes (Sorbus aucuperia), sporkehout (Rhamnus frangula), hazelaar (Corylys avellana), Europese vogelkers (Prunus padus), haagbeuk (Carpinus betulus), gele kornoeltje (Cornus mas), meidoorn (Crataegus monogyna), sleedoorn (Prunus spinosa) en vlier (Sambucus nigra). Begin januari hebben gemotiveerde werkkrachten 1.775 bomen en struiken heel efficiënt en vakkundig aangeplant en de bomen voorzien van een bescherming.

De aanplantingen en het bos zijn in de lente volop in bloei gekomen. We volgen het groeiproces op en zullen, indien nodig, nog enkele aanplantingen toevoegen. Het zal nog wel even duren vooraleer we het “volgroeide” gemengd bos kunnen bewonderen, maar ondertussen hopen we voor de komende jaren verzekerd te zijn van een prachtige evolutie. Bovendien zijn we ervan overtuigd dat deze biotoopherstelwerken meetbaar de fauna en flora in het bos én haar omgeving ten goede zullen komen.

Deel deze post

Landelijk Vlaanderen
Valerie Vandenabeele

Valerie Vandenabeele

Directeur

Thema:Jacht
Biotoopverbetering en -herstel in beboste jachtgebieden: een praktijkvoorbeeld | Landelijk Vlaanderen